Arbeidsomstandigheden onder druk door theeprijzen
SOMO-onderzoek toont slechte arbeidsomstandigheden in zes belangrijke theeproducerende landen
12-06-2008
Arbeidsomstandigheden van theeplukkers wereldwijd staan onder druk door lage wereldmarktprijzen en hoge productiekosten. Dit is één van de conclusies in het vandaag gelanceerde SOMO-rapport “Sustainability Issues in the Tea Sector”. Wereldwijd zijn voedselprijzen recentelijk enorm gestegen wat leidt tot brede discussie en tot problemen voor armen in ontwikkelingslanden. Maar gecorrigeerd voor inflatie is de wereldmarktprijs van thee nog steeds veel lager dan in de jaren tachtig . Het nieuwe SOMO-rapport geeft een unieke vergelijkende analyse van de sociale, economische en ecologische omstandigheden in de wereldwijde theesector. Het laat zien dat de theehandel en distributie wordt gedomineerd door een klein aantal internationale bedrijven die profiteren van stabiele consumentenprijzen maar er tot nog toe niet in slaagden de problemen in de sector aan te pakken.
Het nieuwe SOMO-rapport analyseert de omstandigheden in zes belangrijke
theeproducerende landen: India, Sri Lanka, Vietnam, Indonesië, Kenia en
Malawi. Het blijkt dat arbeidsomstandigheden van theeplukkers onder
druk staan door lage marktprijzen als gevolg van met name overproductie
en hoge productiekosten. Deze groep die de meerderheid van de
arbeidskrachten in de theesector vormt heeft vaak te kampen met weinig
arbeids- en inkomenszekerheid, lage lonen, discriminatie op etnische of
gendergronden en het ontbreken van een beschermende uitrusting. Het
ontbreekt deze mensen regelmatig aan goede huisvesting met adequate
basisvoorzieningen en in extreme gevallen zelfs aan drinkwater en
voedsel. Tegelijkertijd hebben plantagewerknemers geen mogelijkheden
hun omstandigheden te verbeteren omdat onafhankelijke vakbonden niet
functioneren, niet bestaan of hen niet vertegenwoordigen omdat ze
tijdelijke krachten zijn. Terwijl thee steeds vaker door kleine boeren
wordt geproduceerd, is ook hun situatie vaak problematisch omdat de
prijzen die betaald worden voor verse theebladen veelal onder de
productiekosten liggen. De ecologische voetafdruk van de sector is
aanzienlijk, met minder biodiversiteit als gevolg van de aanleg van
theeplantages waar eerst natuur was (conversie van ecosystemen), hoog
energieverbruik (waarvoor gekapt hout wordt gebruikt) en de veelvuldige
toepassing van pesticiden in sommige landen.
De theehandel en distributie wordt gedomineerd door een klein aantal
internationale bedrijven, als Unilever (Lipton, PG Tips), Tata Tea
(Tetley) en Sara Lee (Pickwick) die profiteren van de stabiele
detailhandelprijs en die, samen met detailhandelaars, meer dan drie
kwart van de (Nederlandse) consumentenprijs binnenhalen. Het blijkt dat
deze theebedrijven zich steeds vaker inzetten om de problematische
omstandigheden in hun toeleveringsketen aan te pakken. Ze doen dit
onder meer door Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO). Tot op
heden hebben deze strategieën echter niet geleid tot een adequate
aanpak van de problemen. Met deze vergelijkende analyse van de
omstandigheden, de obstakels en de mogelijkheden in de thee-industrie
en met het geven van aanbevelingen wil SOMO bijdragen aan een meer
duurzame theesector.













